Speerpunten
1. Niet bezuinigen op onderwijs
De RUG zal door de teruglopende geldstroom uit Den Haag de komende jaren moeten bezuinigen. Hier ontkomen we niet aan, maar de SOG stelt duidelijk: geen bezuinigingen op onderwijs. De SOG ziet twee mogelijke wegen om de benodigde middelen te creëren, meer geld aantrekken via externe kanalen en door verantwoord en efficiënt te bezuinigen. Geldstromen die de RUG zou kunnen aanspreken zijn: nationale en internationale fondsen en stichtingen die onderwijs en wetenschap financieel willen ondersteunen. Tevens kan er hier gedacht worden aan het aantrekken van geld vanuit het bedrijfsleven. Belangrijk hierbij is dat de integriteit en onafhankelijkheid van de RUG niet wordt aangetast. Efficiëntie kan omhoog door interfacultair te roosteren en de nadruk te leggen op inhoudelijke diversiteit. De SOG wil duidelijke grenzen optrekken voor de bezuinigingen die binnen de faculteiten zullen gebeuren: bezuinigingen mogen, nogmaals, niet ten koste van onderwijskwaliteit gaan.
2. Keuzevrijheid binnen en buiten je studie
Eén van de peilers van de SOG is keuzevrijheid. Iedere student moet de vrijheid hebben om onbelemmerd te kunnen studeren. Hieruit volgt dat wij sterk tegen niet-inhoudelijke studieblokkades zijn, de harde knip en de langstudeerdersboete. [1]
Studeren is meer dan alleen bezig zijn met het eigenlijke studeren. De SOG vindt het belangrijk dat een student ook naast zijn studie op allerlei gebieden actief kan zijn en dat de RUG het diverse Groningse studentenleven blijft ondersteunen. Tegelijkertijd zal de student die zich wil richten op zijn of haar tentamens net zo bij de SOG terecht kunnen, beide paden horen bij keuzevrijheid en zijn aan de student.
3. Studentenvoorlichting: meer en beter
De SOG onderstreept het belang van goede voorlichting aan studenten. Zij dienen op de hoogte te zijn van hun rechten en plichten, bijvoorbeeld ten aanzien van de examencommissie. Tevens wil de SOG dat studenten beter voorgelicht worden over de voorzieningen die de RUG biedt, zoals bijvoorbeeld toegang tot de studieadviseur, studentendecaan en studentenpsycholoog.
Het belang van goede voorlichting begint al bij de studievoorlichting, want een verkeerde studiekeuze kan een dure fout worden. Verder is de SOG van mening dat eerstejaarsstudenten goed voorgelicht dienen te worden omtrent de regels van het Bindend Studie Advies (BSA). Voor bachelor studenten moet voorlichting vooral gericht zijn op de keuzemogelijkheden die studenten bezitten binnen hun studie. Te denken valt aan minoren, excellentietrajecten, student-assistentschappen. Voor een eventuele doorstroom naar de master is een goede voorlichting over de mogelijkheden aan de RUG onmisbaar.
4. Verruiming openingtijden UB en faculteitsbibliotheken
De SOG is van mening dat de UB van zeer grote waarde is voor de RUG-student. Daarom wenst de SOG dat de UB gemakkelijk toegankelijk is voor zoveel mogelijk studenten door de openingstijden te verruimen. De SOG zou graag zien dat de UB op werkdagen tot 00.00 en elk weekend tot 22:00 geopend is.
Daarnaast ziet de SOG graag dat de faculteitsbibliotheken efficiënter gebruik gaan maken van hun ruimte en mogelijkheden. Tevens moeten de openingstijden van de faculteitsbibliotheken worden verruimd. Niet alleen wil de SOG dat de faculteitsbibliotheken ‘s middags en ’s avonds langer open zijn, maar pleit ook voor opening in het weekend.
5. Geen gejat in de UB: laptopsloten
Door de recente diefstallen van laptops zijn de studenten terughoudend geworden hun eigen laptop mee te nemen. Om deze reden pleit de SOG voor preventieve maatregelen, zoals de aanschaf van laptopsloten. Deze sloten kunnen ervoor zorgen dat de student zijn werkplek kan verlaten zonder te vrezen dat zijn laptop ongevraagd verdwijnt. De sloten zouden bij de portier bij op vertoon van de studentenkaart kunnen worden geleend.
6. Printen vanaf je eigen laptop
In de bibliotheken kunnen studenten met hun eigen laptop werken. Echter, ze kunnen niet printen vanaf hun laptops. Daarom moeten ze op een computer die verbonden is aan het RUG-netwerk. De SOG wil printen vanaf de eigen laptop mogelijk maken. Met de juiste software moet dit goed te realiseren zijn. Studenten zouden deze mogelijkheid moeten krijgen. Dit zou het printgemak voor studenten enorm verbeteren omdat ze niet meer afhankelijk zijn van de RUG-computers.
7. Integreren van onderzoek in het onderwijs
De SOG vindt dat een versterking van de integratie van onderzoek in het onderwijs een meerwaarde zal zijn voor de vorming tot academicus. Er bestaat op dit moment een groot verschil tussen het onderzoeksniveau na afronding van de bachelor en de verwachtingen bij het instromen naar een onderzoeks- of promotiemaster. Door meer onderzoek te integreren in het onderwijs kan dit probleem opgelost worden. In de gehele bachelor moet er aandacht zijn voor onderzoek.
Daarnaast wordt door het integreren van onderzoek in het onderwijs ook een duidelijk onderscheid gemaakt tussen het wetenschappelijk onderwijs en het hoger beroepsonderwijs. Aan het eind van de bachelor dienen de studenten de wetenschappelijke methode te beheersen en kunnen in de basis een onderzoek opzetten en uitvoeren. Ook pleit de SOG ervoor dat studenten passief in aanraking komen met onderzoek. In colleges dienen docenten te spreken over lopende en afgeronde onderzoeken die aansluiten op de vakinhoud.
8. Uniformering van de digitale leeromgeving
Internet is de toekomst, ook aan de RUG. De SOG gaat hier graag in mee. Videocolleges kunnen voor elk vak op de digitale leeromgeving worden gezet, net als een discussieforum voor ieder vak. Wel moeten deze colleges en fora zo beveiligd worden dat deze niet te kopiëren zijn en met copyright beschermd worden. Ook moet het in de nabije toekomst mogelijk worden readers via internet te kunnen bekijken. Dit scheelt drukkosten en leidt tot het efficiënter werken van studenten.
Een groot probleem bij de digitale leeromgeving is een te grote hoeveelheid programma’s, subpagina’s en informatiestromen waardoor je al snel het overzicht kwijtraakt. De kernwoorden op dit punt voor de SOG zijn dan ook toegankelijkheid en overzichtelijkheid. De student heeft geen behoefte aan vijf verschillende programma’s (Nestor, STIP, Ocasys, webmail, Progress) want dit werkt onoverzichtelijk en vertragend. De SOG pleit er voor om de digitale leeromgeving te uniformeren: één programma dat eenvoudig en overzichtelijk is. Daarnaast pleit de SOG voor een zoekfunctie in alle onderdelen van de digitale leeromgeving, om het gebruiksgemak te vergroten. Verder moeten de catalogi van de bibliotheken up-to-date worden gehouden. Dit alles moet ervoor zorgen dat de digitale leeromgeving weer een ondersteuning voor het studeren wordt.
9. Samenwerking aangaan met bedrijven
Zoals ook al in hoofdstuk 1 aangegeven wordt, is de SOG van mening dat de RUG meer moet gaan samen werken met bedrijven. Niet enkel vanuit het financiële aspect dat eerder benoemd is, want in samenwerking met bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen wetenschappers onderzoeken doen die van waarde zijn voor maatschappij en economie. Zo kan de RUG bijdragen aan de totstandkoming van een echte kenniseconomie. De SOG pleit ervoor dat de RUG kansen die in deze sector zich voordoen meer aangrijpt.
10. Onderzoekstages bij bedrijven
Uitdaging ziet de SOG als een van de belangrijkste eigenschappen van goed onderwijs. Vaak kan het doen van onderzoek in een interessegebied heel stimulerend en uitdagend zijn. De SOG zou graag zien dat het mogelijk wordt voor studenten in de bachelor en master om een onderzoeksstage te doen bij een bedrijf of aan de universiteit. Dit kan onder andere in de vorm van een researchminor. Bij onderzoek aan de RUG moet er vooral aandacht worden besteed aan die onderzoeksgebieden waarin de RUG excelleert.
11. Meer samenwerking met Nederlandse en buitenlandse universiteiten
Samenwerken met andere universiteiten is voor de SOG de sleutel tot succes. Uitwisselingen en samenwerking op gebied van zowel onderwijs als onderzoek zal leiden tot hogere kwaliteit. De SOG vindt het daarom belangrijk dat de RUG haar banden met de Universiteiten in Enschede, Wageningen en Nijmegen blijft onderhouden en zal gaan optimaliseren. Ook zou de SOG graag zien dat de banden met buitenlandse universiteiten, niet enkel maar onder andere met Göthingen, Uppsala en Gent, worden verbeterd.
12. No Stone coal English from docenten
De SOG vindt het erg belangrijk dat de kwaliteit van onderwijs op de RUG van het hoogste niveau is, zo ook op het gebied van de taal. Bij studies waar de voertaal Engels is dienen volgens de SOG de docenten een adequaat niveau van de Engelse taal te bezitten. Dit niveau zou minimaal C1 (Vaardige gebruiker die de taal op academisch niveau beheerst) op de schaal van het CEF (Common European Framework) moeten zijn. Wanneer dit minimum niet gehaald wordt zou de docent niet meer mogen doceren op een Engelstalige opleiding. Deze maatregel zou het ‘Dunglish’ wat soms gesproken wordt en de kwaliteit niet ten goede komt, moeten verminderen.
13. International student participation
The University of Groningen is quickly developing into a more and more international university, with growing numbers of international and exchange students. Also, more Dutch students are participating in exchange.
Since the SOG wants to represent all students, the SOG is dedicated to improving the university for internationals, bearing in mind their unique circumstances. The SOG wants to represent all students, even though, the University Council is in Dutch. Therefore, the SOG has set up a general International Student Council, which represents all international students and could advise the University Council on specific international matters. By professionalizing the international voice in the different administrative boards of the university the direct representation of international students will contribute to a more positive experience of international students.
When it comes to representation, participation by international students ought to be more easily facilitated by the University of Groningen. For example by creating international positions within programme committees. Also in the extracurricular life international students should become more represented, as this will increase their integration. Already there are student societies specifically focusing on international students. However, to really get the integration between international students and their Dutch colleagues going, it is very important that the presence of international students in the general student societies and faculty/programme associations is increased.
14. Stricter review of student housing
The RUG should be aware that housing is the first impression international students have. Therefore, the university should become more critical of her partners in this field. Other housing associations might have to be explored, since for example the Housing Office (‘de Huismeesters’) is charging a €300,- non-refundable registration fee even if no accommodation is found.[2] In contrast, the administration fee for Dutch students is €15,-. Obviously, the quality of the available rooms ought to be closely monitored. As is currently the case, the provided services are supposed to be a temporary arrangement, a notion the SOG subscribes to, since it is important for international students to mix more with Dutch students. Taking this in consideration, international students should be properly informed about how to find a room in Groningen and there should not be a minimum time of lease, as is currently the case.[3] The International Offices should improve the way they give information to students: about living costs in Groningen and be the first stepping stone in finding accommodation.
15. Decentralized International Offices
A key role in the internationalization of the RUG is played by the International Offices. Both for outgoing as well as for incoming students the International Office is the first line of contact. The International Offices are currently organized at faculty level, the SOG supports this way of organization since each faculty has its own unique features. A ‘one-size-fits-all approach’ with a central International Office might lead to cost reduction but harms the quality of service to the student. The SOG believes that decentralized International Offices operating on a faculty level are able to provide students with specialized and tailor-made advise with regard to international matters.
16. Minimum level of English proficiency for all staff teaching English courses
A university that has international ambitions is obligated to ensure that the proficiency of English among teaching staff is of a high and academic standard. The SOG recognizes that if students are expected to have a minimum level of academic English, the same – or even more – should be expected of a lecturer. The SOG pleads for a minimum level of English proficiency for all teaching staff in English-taught courses. This level should be C1 on the language scale CEF (Common European Framework). If this minimum is not met a lecturer should no longer be allowed to lecture in an English-taught course. This would reduce the ‘Dunglish’ that some lecturers speak, causing confusion and lowering the quality of education.
[1] Een in opdracht van het ISO uitgevoerd onderzoek heeft onlangs aangetoond dat de rechtsgeldigheid van de boete, waar de SOG al principieel tegen is, problematisch is: http://www.iso.nl/LinkClick.aspx?fileticket=Xn9YEliVPhI%3D&tabid=36&mid=1229
[2] “If you would like us to find you a place to stay in Groningen, you first need to register with us. Our charge for registration is € 300,-. These costs are non-refundable.” (http://www.housingoffice.nl/application)
[3] Article 3, Housing Office ‘Standaard Contract augustus 2010’.

